Kerkgeschiedenis

Kerkgeschiedenis

docent: dr Wilken Veen
aantal lessen: ieder jaar 8, in totaal 24 lessen
versie 2019 – 2020

Waarom bestuderen we kerkgeschiedenis? Uit interesse voor geschiedenis in het algemeen of voor die van de kerk in het bijzonder? Zeer wel mogelijk, maar de lessen kerkgeschiedenis zijn niet primair bedoeld om deze interesse met wetenswaardigheden te voeden. We bestuderen vooral de kerkgeschiedenis – en in het bijzonder die van onze eigen reformatorische kerken – om daardoor onszelf en onze eigen kerk zoals die door de jaren heen historisch gegroeid is, beter te begrijpen. Vaak zijn in die geschiedenis stappen gezet en antwoorden gegeven, zoals we dat vandaag niet meer zouden doen. Wij proberen nu te achterhalen in welke omstandigheden dat is gebeurd en waarin die omstandigheden van de onze verschillen. Worstelen wij nog steeds met dezelfde vragen? Natuurlijk is het ondoenlijk om in 24 lessen (verdeeld over drie jaar) zicht te krijgen op de gehele kerkgeschiedenis; daarom kiezen wij voor “capita selecta “. In iedere les zal een bepaald thema of bepaalde persoon centraal staan: we denken dat het zinniger is om behoorlijk zicht te krijgen op een aantal zorgvuldig gekozen thema′s dan van alles een beetje te weten.
Dit cursusjaar houden we ons bezig met de geschiedenis van kerk en theologie in de periode die door de historici wordt aangeduid als ‘De nieuwe tijd’ (van Renaissance tot Verlichting, pakweg 1500-1800). De volgende onderwerpen komen daarbij aan de orde: 1. Erasmus en het humanisme; 2. Luther en de reformatie in Duitsland; 3. Calvijn en de reformatie in Frankrijk en Zwitserland; 4 Zwingli, de derde hervormer; 5. De contra0reformatie als katholieke reactie op de reformatie; 6. De reformatie in de Nederlanden; 7. Remonstranten en Contra-remonstranten (Arminius en Gomarus); 8. De Nadere Reformatie in Nederland.

Wilken Veen studeerde theologie in Utrecht en Amsterdam. Sinds 1982 is hij als predikant verbonden aan de hervormde (later protestantse) gemeente te Amsterdam. Hij promoveerde in 1991 op een proefschrift over de Duitse kerkstrijd, getiteld Collaboratie en onderwerping. In 1996 schreef hij Hizkia en samen met Karel Deurloo De gezegende temidden van zijn broeders. In 2000 verscheen een boekje over Bonhoeffer, Een stap verder dan de kerk, in 2004 Verzoening in de praktijk. De NCSV en de ‘Duitsche Quaestie’, in 2007 De zachtmoedige revolutie in de theologie van G.H. ter Schegget en in 2012 Aanzetten voor een ethiek, een becommentarieerde Nederlandse vertaling van Bonhoeffers Ethik, die hij samen met Gerard den Hertog uitgaf. Hij is predikant voor het Leerhuis Amsterdam Tenach en Evangelie en werkt als vrijwilliger voor de K.H.Miskotte-stichting aan de uitgave van de oorlogsdagboeken van Miskotte.